Kerk in Nood publiceert rapport ‘Vrijheid van Godsdienst in de Wereld 2021’

Op 20 april 2021 stelt Kerk in Nood (Aid to the Church in Need – ACN) de 15de editie van het rapport ‘Vrijheid van Godsdienst in de Wereld’ voor. Het is de enige studie uitgevoerd door een katholieke organisatie die de naleving en de eerbiediging van dit mensenrecht in 196 landen regelmatig onderzoekt en analyseert en alle religies omvat. Het is ook de enige die beschikbaar is in zes talen.

Sinds 1999 wordt dit rapport om de twee jaar gepubliceerd en wereldwijd voorgesteld in de 23 nationale secretariaten van de katholieke hulporganisatie. Het laatste rapport had betrekking op de periode 2016-18. Door de uitbraak van het coronavirus vorig jaar werd de publicatie van het nieuwe tweejaarlijkse rapport dat gepland was in november 2020 uitgesteld naar de huidige datum.

Met dit rapport wil Kerk in Nood het belang van godsdienstvrijheid als grondrecht benadrukken (artikel 18 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens) en waarschuwen voor ernstige achteruitgang in veel landen van de wereld. Religie is een bron van discriminatie, uitsluiting en vervolging voor miljoenen mensen van alle geloofsovertuigingen. Daarom wil Kerk in Nood het publiek via dit rapport bewustmaken van de noodzaak om dit recht te beschermen en te verdedigen. In die landen waar de godsdienstvrijheid is gewaarborgd, worden de fundamenten gelegd voor een echt menselijk samenleven, waartoe paus Franciscus oproept.

Thomas Heine-Geldern, uitvoerend president van Kerk in Nood Internationaal

“Met dit rapport over godsdienstvrijheid in de wereld willen we onze stem verheffen voor al degenen die niet langer het recht hebben om zich uit te drukken en die over de hele wereld vervolgd worden omwille van hun geloof,” aldus Thomas Heine-Geldern, uitvoerend president van Kerk in Nood.

“We willen hiermee een nieuwe impuls geven aan de verdediging van de godsdienstvrijheid en de menselijke waardigheid en een dialoog aangaan met veel van onze medeburgers om hun interesse te wekken en hen te sensibiliseren voor de kwestie van godsdienstvrijheid,” voegt hij eraan toe. Op deze manier vervult de internationale hulporganisatie een fundamentele pijler van haar missie, die bestaat uit informatie, gebed en actie.

Wat is er nieuw?

Het rapport bevat een wereldkaart waarop landen zijn ingedeeld volgens hun niveau van religieuze discriminatie en vervolging. Voor het eerst bevat het zes regionale analyses waarin de 196 landen per geografisch gebied zijn onderverdeeld en die relevante bevindingen geven over de eerbiediging of schending van dit grondrecht.

Een andere nieuwigheid van het rapport ‘Vrijheid van Godsdienst in de Wereld 2021’ is de nieuwe categorie ‘onder observatie’, die de landen omvat waar de toestand van godsdienstvrijheid bedreigend begint te worden.

De afgelopen twee jaar hebben in totaal 30 auteurs, onafhankelijke deskundigen en onderzoeksteams van universiteiten en studiecentra uit verschillende werelddelen elk land in de wereld geanalyseerd aan de hand van objectieve criteria en een nauwkeurige methodologie.

Het rapport richt zich tot journalisten, academici, wetenschappers, politici – gelovigen en niet-gelovigen – en benadrukt hoe belangrijk het is voor de menselijke waardigheid en de succesvolle ontwikkeling van samenlevingen om dit fundamentele recht te kunnen uitoefenen.

Belangrijkste bevindingen

Het rapport ‘Vrijheid van Godsdienst in de Wereld 2021’ van Kerk in Nood stelt vast dat het recht op godsdienstvrijheid in één op de drie landen geschonden wordt: dit grondrecht werd tussen 2018 en 2020 in 62 van de 196 landen (31.6%) niet gerespecteerd.

Volgens het rapport worden in 26 van deze landen mensen vervolgd en in 95% daarvan is de situatie tijdens de onderzoeksperiode nog erger geworden. Negen landen komen voor het eerst in deze categorie voor: zeven in Afrika (Burkina Faso, Kameroen, Tsjaad, Comoren, Democratische Republiek Congo, Mali, Mozambique) en twee in Azië (Maleisië en Sri Lanka).

Deze statistieken weerspiegelen een van de belangrijkste conclusies van het rapport: de radicalisering van het Afrikaanse continent, vooral in de landen ten zuiden van de Sahara en Oost-Afrika, waar de aanwezigheid van jihadistische groeperingen drastisch toeneemt. Schendingen van de godsdienstvrijheid – inclusief extreme vervolgingen zoals bloedbaden – vinden nu plaats in 42% van alle Afrikaanse landen. Burkina Faso en Mozambique zijn twee opvallende voorbeelden.

Deze radicalisering heeft niet alleen gevolgen voor het Afrikaanse continent. Het rapport onthult een toename van transnationale islamistische netwerken die zich uitstrekken van Mali tot Mozambique in subsahara-Afrika, over de Comoren in de Indische Oceaan en tot de Filippijnen in de Zuid-Chinese Zee, met als doel een “transcontinentaal kalifaat” te creëren.

Het rapport brengt ook een andere nieuwe trend aan het licht: het misbruik van digitale technologie, cybernetwerken en massale bewaking op basis van kunstmatige intelligentie (AI) en gezichtsherkenningstechnologie, om de controle en discriminatie te vergroten in sommige landen waar godsdienstvrijheid het meest geschonden wordt. Dit is vooral duidelijk in China, waar de Chinese Communistische Partij religieuze groeperingen onderdrukt door middel van 626 miljoen bewakingscamera’s uitgerust met kunstmatige intelligentie en smartphone-scanners. Jihadistische groepen gebruiken ook digitale technologie om volgers te radicaliseren en te rekruteren.

Uit ander onderzoek is gebleken dat in 42 landen (21% van de landen) het afstand doen van of veranderen van je religie ernstige juridische en/of sociale gevolgen kan hebben, variërend van verstoting uit de familie tot de doodstraf.

Het rapport over godsdienstvrijheid in de wereld veroordeelt ook de toename van seksueel geweld dat wordt gebruikt als wapen tegen religieuze minderheden: misdaden tegen vrouwen en meisjes die ontvoerd, verkracht en gedwongen worden om zich te bekeren.

Vandaag de dag woont ongeveer 67% van de wereldbevolking, of ongeveer 5,2 miljard mensen, in landen waar godsdienstvrijheid ernstig wordt geschonden – waaronder de meest bevolkte landen op aarde: China, India en Pakistan. In veel van deze landen zijn religieuze minderheden het grootste doelwit. Zoals in het rapport wordt opgemerkt, is ook de religieuze vervolging door autoritaire regeringen geïntensiveerd. De bevordering van etnische en religieuze suprematie in sommige overwegend hindoeïstische en boeddhistische Aziatische landen heeft geleid tot een verdere onderdrukking van minderheden, waardoor hun lidmaatschap vaak effectief is teruggebracht tot tweederangsburgers. India is het meest extreme voorbeeld, maar in Nepal, Sri Lanka en Myanmar wordt een soortgelijk beleid toegepast.

Als reactie op de ernst van de bevindingen van het rapport zegt uitvoerend president van Kerk in Nood Internationaal, Thomas Heine-Geldern: “Ondanks de belangrijke initiatieven van de Verenigde Naties en de aanstelling van ambassadeurs voor godsdienstvrijheid, kan de reactie van de internationale gemeenschap op religieus gemotiveerd geweld en religieuze vervolging in het algemeen worden omschreven als te zwak en te laat.”

Door Raquel Martin en Maria Lozano

Om een gedrukt exemplaar van de samenvatting van het rapport in het Nederlands aan te vragen (7 euro voor vertaal- en drukkosten + verzendingskosten), gelieve uw postadres op dit contactformulier in te vullen: https://www.kerkinnood.be/contact/

Het volledige rapport is beschikbaar in het Engels op de website van Kerk in Nood internationaal: https://acninternational.org/religiousfreedomreport/en/home

 

Doe een gift

Schrijf me in voor de digitale nieuwsbrief

Voor een goed databeheer hebben we deze gegevens nodig. Ons privacybeleid