Een beeld van hulpeloosheid aan de Venezolaanse grens

FacebookTwitterGoogle+

11/06/2018 Leuven – Na de omstreden presidentsverkiezingen in Venezuela blijft de grote stroom migranten die in andere landen naar betere levensomstandigheden op zoek gaan onverminderd aanhouden. De duizenden Venezolanen die elke dag opnieuw de grens tussen Colombia en Venezuela oversteken, hebben nog altijd nood aan hulp en ondersteuning.

Op de internationale Simón Bolívar-brug, die de steden San Antonio del Táchira in Venezuela en San José de Cúcuta in Colombia met elkaar verbindt, verlopen de controles moeizaam voor de mensen die het door de zware politieke, economische en sociale crisis geteisterde land willen verlaten. Velen slagen er niet om de grens over te steken en blijven in de grensstad ronddolen op zoek naar humanitaire hulp.

In die situatie verkeren bijvoorbeeld Fernando, Marisela en hun twee kinderen, de 3-jarige Luis en de 7-jarige Camila. Ze kwamen vanuit Caracas naar de grens met de bedoeling om naar Ecuador door te reizen. Wegens problemen in verband met de identiteitsdocumenten van de  minderjarige kinderen konden ze het land echter niet verlaten.

“Het leven in de hoofdstad is bijzonder moeilijk geworden. Het is beter om te emigreren”, aldus Fernando. Aangezien ze echter amper over financiële middelen beschikken, overnachten ze samen met andere migranten op het plein in het centrum van de stad. Ze werken in het zwart en zoeken ondertussen naar een oplossing om hun reis te kunnen verder zetten.

Volgens een op 14 mei gepubliceerd rapport van de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) steeg het aantal Venezolaanse immigranten in Latijns-Amerika en de landen van de Caraïben in de periode tussen 2015 en 2017 van 89.000 naar 900.000, ofwel een stijging van meer dan 900%.  Bovendien houdt dit cijfer niet eens rekening met de migranten die op een irreguliere manier de grens naar Colombia of Brazilië oversteken.

Volgens bisschop Mario Moronta van het bisdom San Cristóbal in Venezuela schetst de toestand aan de grensovergang “een beeld van de hulpeloosheid van zo vele Venezolanen die niet aan de allernoodzakelijkste basisbehoeften van het dagelijks leven tegemoet kunnen komen. Het ontbreekt hen aan voedsel, aan geneesmiddelen en aan allerhande andere zaken”.

Gezien die toestand “zoekt de door de Heilige Geest aangedreven en geleide Kerk”, aldus de bisschop, “naar oplossingen die van naastenliefde en medemenselijkheid getuigen om voor de migranten alles te doen wat ook maar enigszins mogelijk is.”

Honderden komen elke dag opnieuw te voet op deze brug voorbij om de grens over te steken. De brug is sinds augustus 2015 immers gesloten voor het autoverkeer. De enen willen naar andere Zuid-Amerikaanse landen trekken, anderen gaan naar Cúcuta om in die stad op zoek te gaan naar levens- en geneesmiddelen en keren daarna terug naar Venezuela. Nog anderen blijven in de grenszone hangen en proberen hier en daar tijdelijk  werk te vinden.

Dit is bijvoorbeeld het geval voor de 18-jarige Andrés Vargas, die uit Barquisimeto is gekomen en naar Chili wilde doorreizen. Hij had echter niet genoeg geld en besloot dan maar om aan de grens te blijven. “Hier verdien ik een beetje geld door reizigers naar de plaats te brengen waar biljetten worden verkocht. Daarmee kan ik een weinig voedsel kopen en soms verdien ik genoeg om voor een overnachting te betalen.”

Anderen slagen er na een lange reis niet in om de grens over te steken omdat de grensovergang van 8 uur ‘s avonds tot 6 uur ’s morgens gesloten is. Dat was het geval voor het gezin Fonseca, dat uit vader, moeder en drie kleine dochtertjes bestaat. Ze kwamen na een busreis van 12 uren uit Valencia in San Antonio aan op een ogenblik dat de grensovergang gesloten was. De nacht moesten ze in open lucht doorbrengen, gewoon op straat. “Een dergelijke verschrikkelijke nacht kan ik met niets vergelijken wat we in de afgelopen jaren hebben meegemaakt”, zucht Carlos Fonseca.

De priester Reinaldo Contreras is rector van de basiliek van San Antonio de Padua, die op slechts een steenworp van de grens verwijderd ligt. In ons gesprek vertelt hij dat de Kerk op die situatie reageert met sociaal pastoraal werk. “Ze krijgt echter wel met grote problemen af te rekenen wegens de schaarste aan levensmiddelen en de hoge prijzen van voeding. Daarnaast ontbreekt ook de infrastructuur om de migranten behoorlijk te kunnen opvangen.”

De parochies aan de grens voeren elke dag voedselbedelingen voor de armen uit zodat aan de meest kwetsbaren toch wat te eten kan worden gegeven. De priester voegt eraan toe dat op dit ogenblik de mogelijkheid wordt nagegaan om een soort “Huis der Migranten” in te richten om een completere hulpverlening te kunnen aanbieden.

Aan de grensovergang krijgen talrijke migranten ondersteuning van het “Doorgangshuis van de Goddelijke Barmhartigheid” van het bisdom Cúcuta. Daar worden aan migranten medische verzorging en pastorale begeleiding aangeboden. Elke dag worden ook meer dan duizend voedselrantsoenen uitgedeeld.

In zijn gesprek met de pauselijke stichting en katholieke hulporganisatie Kerk in Nood noemde bisschop Victor Manuel Ochoa van Cúcuta de toestand een “pijnlijk drama”. Hij vraagt om te bidden: “De Kerk is aanwezig aan de grens. Wij zouden de hand willen zijn die de noodlijdende Venezolaanse broeders en zusters wordt gereikt. Ik denk aan pater Werenfried, de stichter van Kerk in Nood, die in 1947 voedsel verdeelde onder de vluchtelingen. Wij zouden in zijn voetstappen willen treden. Ik verzoek u om voor Venezuela en voor Colombia te bidden, opdat wij de weg naar vrede en verzoening zouden vinden.”

Kerk in Nood bracht onlangs een bezoek aan de stad San Antonio de Tachira in Colombia, om de bisdommen aan de Venezolaans-Colombiaanse grens in deze moeilijke tijden hulp aan te bieden en haar solidariteit uit te drukken. Bovendien werd de mogelijkheid onderzocht om in de toekomst het “Huis van de Migranten” te ondersteunen.

Door Johan Pacheco

Samen met u willen wij een helpende hand zijn voor mensen in nood. Dankzij u ondersteunt Kerk in Nood de gelovigen overal waar ze worden vervolgd, verdrukt of in nood verkeren door informatie, gebed en actie.

U kan helpen door:

  • een gift voor een pastoraal project op rekeningnummer IBAN: BE91 4176 0144 9176 en BIC: KREDBEBB (Kerk in Nood vzw – zonder fiscaal attest). Pastorale projecten komen volgens de Belgische wetgeving niet in aanmerking voor de toekenning van een fiscaal attest.

  • een gift voor een sociaal project op rekeningnummer IBAN: BE11 4176 0100 0148 en BIC: KREDBEBB (Hulp en Hoop vzw – met fiscaal attest vanaf € 40,00). Zij die in de loop van het jaar € 40,00 of meer schenken voor een sociaal project, ontvangen het volgende jaar automatisch een fiscaal attest.

Alvast bedankt voor uw steun!

Reacties :

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pontical Foundation