Libanon: “Ik werd een vluchteling, zoals het Kindje Jezus.”

“Mijn naam is Majed. Nu woon ik met mijn familie in Libanon, maar mijn vader heeft me verteld dat we oorspronkelijk uit Syrië komen en dat onze thuis daar is”. De 12-jarige is een van de duizenden vluchtelingen die hun land hebben moeten verlaten en hun toevlucht hebben gezocht in de stad Zahle in de Libanese Bekaa-vallei.

Majed was slechts drie jaar oud en heeft geen herinnering aan de verschrikkingen van de oorlog in Syrië, waarover zijn vader, Basman Abboud, vertelt aan Kerk in Nood: “Ten minste 50 mensen uit ons dorp werden gedood in zes maanden; anderen werden ontvoerd. Bij velen waren hun middelen om te overleven vernietigd en verbrand. We hebben een jaar lang in een hel geleefd: geen werk, geen elektriciteit, geen scholen, geen eten. Sluipschuttervuur was een dagelijkse bedreiging. Bovendien is door de sluiting van de scholen een hele generatie verstoken gebleven van onderwijs”.

Vanaf het begin van de oorlog hadden de christenen het gevoel dat het enige wat men van hen verlangde, was dat zij zouden vertrekken. Veel christenen in Syrië zeggen dat de terreurgroepen een slogan herhaalden, namelijk “Alawieten (de religieuze denominatie van president Assad) naar de kist en christenen naar Beiroet (de hoofdstad van Libanon)”. “Het was een oorlog met alles wat dat betekent. Zelfs voordat de situatie verslechterde, wisten wij en onze christelijke buren al dat onze straten verdeeld werden. Sommige buren gokten zelfs wie het ene huis zou krijgen en wie het andere,” zo vertelt Basman Abboud met enorme droefheid.

Majed herinnert zich evenmin hoe ze hun land ontvluchtten, maar Basman Abboud zal het nooit vergeten: “Ze vielen ons aan met geweren terwijl we weerloos waren. Ze doodden vijftien jonge mannen en staken vijf huizen in brand. Alle mensen vluchtten. Wij renden met de mensen mee. We namen niets mee, alleen de kleren die we aanhadden. We verlieten ons huis en vluchtten”. Zij kwamen in Zahle aan op 20 maart 2012, een datum die zij nooit zullen vergeten, omdat die de geschiedenis van hun gezin tragisch heeft getekend. Aanvankelijk logeerden zij bij een familielid dat enkele maanden eerder toevlucht in Zahle had gezocht. Ze waren met z’n vijftienen in één huis en sliepen in twee ploegen, omdat er geen plaats was voor iedereen. Het was winter en ze hadden geen dekens.

“In deze situatie hoorden we dat de katholieke aartsbisschop hulp gaf aan de vluchtelingen. Wat zou er met ons gebeurd zijn zonder deze hulp van het bisdom? We hebben al zoveel problemen gehad sinds onze aankomst…”

Hoewel hij binnen een paar maanden een baan vond en ze naar een huis met twee slaapkamers verhuisden, was het salaris nauwelijks genoeg om de huur, de elektriciteitsrekening en andere huishoudelijke kosten te betalen. Het gezin van Basman en Majed is dan ook dankbaar dat het kan deelnemen aan het hulpprogramma van Sint-Jan de Barmhartige, de soepkeuken van het bisdom om Syrische vluchtelingengezinnen en Libanese gezinnen die door de grote crisis zijn getroffen, te voeden.

“Zonder zulke barmhartige hulp zouden we niet weten wat te doen. Ook hebben we door de crisis en COVID-19 een jaar lang geen werk gehad. Als de Libanezen geen werk hebben en hun omstandigheden zeer moeilijk zijn, wat kunt u dan over ons zeggen? We zijn vluchtelingen in Libanon. Het bisdom heeft ons ook medisch geholpen, want het Tel-chiha ziekenhuis, dat door het bisdom wordt geleid, heeft ons geholpen bij de operatie van mijn vrouw,” zegt Basman.

Gebed heeft deze familie altijd begeleid en gesterkt tijdens deze jaren van groot lijden en ontbering. “De Heer is aanwezig en wij vertrouwen op Zijn aanwezigheid. We leven nog. Wij zijn dankbaar voor allen die goed doen. Ik vraag God hen te belonen, want wij kunnen hen niet terugbetalen voor wat zij doen. God ziet en weet alles wat zij voor ons doen.”

Majed is blij dat het Kerstmis is, maar soms is het een moeilijke tijd: “Ik ben een vluchteling geworden, net als het Kindje Jezus, dat ook met zijn ouders moest vluchten. Soms wordt mijn familie verdrietig; krijgen we heimwee. Er zijn ook tranen als papa ons vertelt dat we een prachtig huis hadden, ruim en licht. De kerk was versierd en verwelkomde iedereen voor Kerstmis, maar nu is het allemaal weg. Mijn kerstwens is dat mensen aan gezinnen als het mijne denken en ons helpen te hopen op een betere toekomst. Zalig Kerstmis voor iedereen!”.

Doe een gift

Schrijf me in voor de digitale nieuwsbrief

Voor een goed databeheer hebben we deze gegevens nodig. Ons privacybeleid