Koptische afgevaardigde in Egypte zet zich in voor de rechten van christenen

FacebookTwitterGoogle+

Dr Imad Gad

05/07/2018 Leuven – Dr. Imad Gad is lid van het Egyptische Huis van Afgevaardigden en professor politieke wetenschappen aan de universiteit van Caïro. Hij maakt deel uit van de Koptisch-Orthodoxe Kerk en heeft gedurende verscheidene legislatuurperioden als vertegenwoordiger van de “Free Egyptians Party” (Partij van de Vrije Egyptenaren) in het parlement gezeteld. Omdat hij de rechten van de christenen verdedigt, werd hij in het verleden regelmatig gepest en gemarginaliseerd. In zijn verklaringen en geschriften heeft hij vaak kritiek geleverd aan het adres van de overheid omdat ze de koptische christenen in Egypte niet beschermt tegen gewelddadige en vaak moordende aanvallen en aanslagen en zich onvoldoende inzet om de rechten en vrijheden van de christenen als burgers te waarborgen.

Dr. Imad Gad sprak met Kerk in Nood over zijn strijd tegen de discriminatie van christenen en zijn inzet voor de oprichting van een seculiere staat waarin alle burgers, ongeacht hun geloofsovertuiging, gelijk worden behandeld.

“In 2012 was ik lid van de Commissie voor Buitenlandse Betrekkingen in het parlement, dat in die tijd onder de controle stond van de moslimbroederschap. De voorzitter van de Commissie was Essam Al-Erian, een van de vooraanstaande leiders van de moslimbroederschap. Destijds werd ik gemarginaliseerd en voor gesprekken over belangrijke thema’s werd ik niet uitgenodigd.“

“Op een dag nam Al-Erian contact met mij op en deelde mij mee dat ik aanwezig moest zijn om een delegatie van Italiaanse parlementsleden te ontvangen. Bij het begin van de ontmoeting verklaarde Al-Erian tegenover de delegatie: ‘Wij hechten enorm veel belang aan verdraagzaamheid en liefde, moslims en christenen werken samen. Een bewijs daarvan is onze collega Emad Gad, een Egyptische koptische christen.‘ Dan gaf hij het woord aan mij en verwachtte van mij dat ik enkele beleefde woorden zou zeggen. Maar ik weigerde dat stellig en zei met nadruk: “Ik bedank u van harte, Dr. Essam, maar u hebt mij voor een moeilijke taak gesteld. Ik kan ervoor kiezen om ofwel trouw te blijven aan mijn principes en overtuigingen, ofwel vleiend over u te spreken en te zeggen wat u verwacht dat ik zeg. Ik kan echter niet anders dan mijn principes en mijn overtuigingen volgen en zeggen dat de moslimbroederschap een extremistische en racistische groepering is die de kopten onderdrukt en de kerken aanvalt.‘ Dat was de laatste keer dat ik aan een bijeenkomst van de Commissie heb deelgenomen.“

“De situatie op dit ogenblik is voor mij als christelijke politicus bijzonder gespannen. President Abdel Fattah Al-Sisi probeert het idee dat alle burgers gelijke rechten moeten hebben in de praktijk om te zetten en neemt maatregelen die geen enkele andere Egyptische president vóór hem ooit heeft genomen. Hij doet dit omdat hij gedurende de zeven jaar die sinds de opstand zijn verlopen, heeft kunnen zien hoezeer de kopten van hun land houden en het ondersteunen. Hij heeft kunnen vaststellen dat ze herhaaldelijk elke inmenging van buitenaf in de Egyptische politiek hebben afgewezen. De inspanningen die hij levert, botsen echter met de reactionaire krachten en met sommige delen van het staatsapparaat die nog op de oude manier werken. Daartoe behoren ook de veiligheidsdiensten die het geweld tegen de kopten doorgaans aanpakken door verzoeningsbijeenkomsten te organiseren, die tot straffeloosheid voor de daders leiden.“

“Tijdens de crisis in 2016, bijvoorbeeld, toen een islamitische mensenmassa in het dorp Karm el Lofy in de provincie Al-Minya in Midden-Egypte een bejaarde vrouw, Souad Thabet, aanviel en alle kleren van haar lichaam rukte, kwam het tot grote spanningen tussen Dr. Ali Abdel Aal, de spreker van het Huis van Afgevaardigden, andere parlementsleden en mezelf. Op mijn Facebookpagina schreef ik destijds: ‘Er bestaat een verschrikkelijk en hels plan om de kopten te vernederen, een plan waaraan de veiligheidsdiensten van de staat meewerken.“
“Ik wilde de aandacht vestigen op het onrecht dat mevrouw Thabet had moeten doorstaan en op het aandringen en de druk van een aantal veiligheidsambtenaren om het probleem op de gebruikelijke manier op te lossen, waarbij het slachtoffer zijn recht verliest om op een eerlijke manier te worden gehoord en om gerechtigheid te doen zegevieren.“
“Het was een moeilijke periode wegens het misprijzen van de parlementsleden van de provincie Al-Minya. Enkele afgevaardigden van Al-Minya waren politieambtenaren. Het gerucht deed de ronde dat een aantal personen die de agressie tegen Souad Thabet hadden gepleegd familieleden van een van die afgevaardigden waren. Dus wilden de afgevaardigden niet dat er verder over die aangelegenheid werd gesproken. Ik moet toegeven dat enkele van de koptische afgevaardigden meer dan wie ook een doorn in ons oog waren. Spijtig genoeg zijn er vele koptische politici die van mening zijn dat hun aanwezigheid in het parlement en de macht die ze verwerven afhangen van de mate waarin ze zich welwillend opstellen tegenover de staat of het lokale veiligheidsapparaat.”

“Ik schreef ook tientallen artikelen voor het Egyptische dagblad Al Watan, waarin ik mij kritisch uitliet over de manier waarop de veiligheidsdiensten omgaan met voorvallen waarbij geweld wordt gepleegd tegen kopten. Enkele van die artikelen kregen als titel ‘Weinig veiligheid, veel beleid‘. Mijn standpunt is dat het thema veiligheid belangrijk is, maar dat het beleid voorrang moet hebben op de veiligheidsbelangen en niet omgekeerd. Bij botsingen tussen de religieuze gemeenschappen leidde het door de veiligheid ingegeven beleid tot rampzalige gevolgen. Kerken werden uit veiligheidsoverwegingen gesloten. Dit weerspiegelt een zienswijze die ervan uitgaat dat de opening van een nieuwe kerk automatisch tot een conflict tussen de verschillende religieuze gemeenschappen zal leiden.“

“Wegens de mening die ik verkondig, werd ik op allerhande verschillende manieren gepest en gemarginaliseerd. Zo worden mijn artikelen bijvoorbeeld niet langer gepubliceerd in de krant Al Watan. Afgelopen december werd ik door een voormalige politieambtenaar op de staatstelevisie bedreigd. Hij zei: ‘Het mes van de interne diensten is bijzonder scherp, u kunt maar beter ver hiervandaan zijn.‘ Toen ik een reactie op Facebook schreef, vroeg ik me af of dit een moorddreiging was. Er kwam echter geen vervolg op die dreiging en na de tussenkomst van politici en van andere regeringsinstanties werd die campagne gestopt.“
“Een andere vorm van pesterij was dat ik geen toestemming kreeg om op debatten in het parlement het woord te nemen en dat ik werd uitgesloten wanneer delegaties van Egyptische afgevaardigden voor officiële bezoeken naar het buitenland reisden. In plaats daarvan stond men toe dat afgevaardigden zonder enige politieke ervaring en zonder kennis van politieke wetenschappen en buitenlandse betrekkingen, met andere woorden mijn vakgebieden, de leiding over de Commissie voor Buitenlandse Betrekkingen op zich namen.“

“Ik was lid van de “Free Egyptians Party” (Partij van de Vrije Egyptenaren) en verwierf als lid van het politieke bestuur van de partij een zetel in het parlement. Toen de veiligheidsdiensten de partij echter onder druk zetten om mij uit te sluiten, stelde deze Alaa Abed als voorzitter van de parlementsfractie aan. Die man is een voormalige politieambtenaar die van foltering werd beschuldigd en die bij de politie werd ontslagen. Het was de bedoeling mij met die maatregel onder druk te zetten om mijn politieke overtuigingen te wijzigen.
“Ondanks de ernst van de gebeurtenissen blijft Egypte nog altijd mijn vaderland en wij kunnen veranderingen alleen tot stand brengen door middel van verzet en van de afwijzing van een verkeerd beleid. Overigens zijn er vele islamitische afgevaardigden die zich op een zeer moedige manier hebben ingezet voor de christelijke zaak.“
“Ook hier stellen er zich op sommige gebieden enorme problemen. In de provincie Al-Minya, bijvoorbeeld, zijn vele mensen van oordeel dat de kopten ongelovigen en ketters zijn. Soms worden ze zelfs van hekserij beschuldigd. Ik herinner mij een voorval van vele jaren geleden toen een islamitische meute mensen een kerk aanviel en geschriften in het Koptisch vond. Hoewel ze die taal niet kenden, beweerden ze dat de Kerk door toverij en boze vloeken verhinderde dat islamitische meisjes in het huwelijk konden treden!“

“Spijtig genoeg zijn er vele mensen die sinds hun kindertijd worden gehersenspoeld door fanatici die onverdraagzaamheid prediken. Wij hebben dringend nood aan een veranderingsproces van de cultuur. Daarbij komt het er ook op aan de leerboeken te vervangen die geweld tegen christenen ondersteunen.“

Ondanks al die tegenkantingen blijft de afgevaardigde Dr. Emad Gad zich verder met alle macht inzetten voor de verdediging van de rechten van de Egyptische christenen. Hij laat zich het zwijgen niet opleggen en hij aanvaardt de risico’s die met een dergelijke moedige houding gepaard gaan. Hij staat er echter niet alleen voor en, zoals hij zelf zegt, krijgt hij zelfs de steun van enkele islamitische groeperingen. De toekomst van de grootste christelijke gemeenschap in het Midden-Oosten staat op het spel.

Door Engy Mady

Samen met u willen wij een helpende hand zijn voor mensen in nood. Dankzij u ondersteunt Kerk in Nood de gelovigen overal waar ze worden vervolgd, verdrukt of in nood verkeren door informatie, gebed en actie.

U kan helpen door:

  • een gift voor een pastoraal project op rekeningnummer IBAN: BE91 4176 0144 9176 en BIC: KREDBEBB (Kerk in Nood vzw – zonder fiscaal attest). Pastorale projecten komen volgens de Belgische wetgeving niet in aanmerking voor de toekenning van een fiscaal attest.

  • een gift voor een sociaal project op rekeningnummer IBAN: BE11 4176 0100 0148 en BIC: KREDBEBB (Hulp en Hoop vzw – met fiscaal attest vanaf € 40,00). Zij die in de loop van het jaar € 40,00 of meer schenken voor een sociaal project, ontvangen het volgende jaar automatisch een fiscaal attest.

Alvast bedankt voor uw steun!

Reacties :

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pontical Foundation