India: Een liefde die niet met pensioen gaat

FacebookTwitterGoogle+

Mgr. William D’Souza en pater Aloysius

08/03/2018 Leuven – Ze hebben hun leven aan God en aan de naastenliefde gewijd door een roeping te volgen die ontelbare offers van hen verlangde. We hebben het hier over zeven priesters die decennia geleden hun thuis in het zuiden van India verlieten om hun missie te gaan vervullen in het noorden van het land. Op duizenden kilometer afstand,  zowel op de landkaart als wat het geloof betreft, verlieten de priesters weliswaar hun land niet, maar − in dit immens uitgestrekte en enorm diverse continent dat India is − ze gaven wel hun moedertaal en hun vroegere gewoonten op. Nu wonen ze in een klein huis voor bejaarde priesters. Terwijl hun lichaam met de jaren ook aan kracht heeft ingeboet, is dit geestelijk helemaal niet het geval. Ze willen hun leven nog altijd ten dienste blijven stellen van de essentie van hun roeping: tot aan hun dood hun medemensen dienen.

“Het was en is nog steeds mijn missie om met Christus te lijden”, met die woorden beschrijft pater Joseph Mattathilani zijn door zeer zware ziekte getekende leven – hij leed aan hersentuberculose. “Ik was maandenlang verlamd. Ooit zeiden de dokters mij dat ik nog maar drie dagen te leven had”. Ondanks het feit dat hij door zijn povere gezondheid afgetakeld is, straalt hij vrede en gelatenheid uit. “Mijn moeder overleed toen ik nog een kind was. Maar de Moeder Gods zorgde voor mij. Zij was het ook die mij tot mijn priesterroeping leidde. Ik wilde mijn leven geven voor mijn medemensen. Het was een echt wonder dat zo vele mensen mij zoveel liefde teruggaven.“

Hoewel het hem wat moeilijk valt om te spreken, vertelt ook pater George Theruvan over zijn lijdensweg. Op 87-jarige leeftijd herinnert hij zich nog heel levendig een van de aanvallen op de missiepost, toen guerrillastrijders hem een pistool tegen de slaap hielden en pater Georges dacht dat zijn laatste uur geslagen had. “Ik begon te bidden en bood God mijn leven aan, terwijl ik voor dat moment om vrede bad. Het waren twee verschrikkelijke uren. Maar nadat ze alles vernield hadden, verdwenen ze. We werden niet overal met open armen ontvangen. Vaak moesten wij helemaal van vooraf aan beginnen. Toch kunnen wij allen zeggen dat het de moeite waard was en doodgewone mensen ons met zoveel genegenheid en dankbaarheid hebben bejegend.”

Pater Sebastian Puthenpura

Ook pater Sebastian Puthenpura kan terugkijken op een rijk gevuld leven. “Wij trokken van dorp tot dorp, brachten elke nacht in een ander dorp door, waar wij het Evangelie uitlegden en de heilige sacramenten vierden”, herinnert de 85-jahrige zich. Hij zag al vroeg in “dat het werk tevergeefs zou zijn, indien wij geen onderricht gaven aan de vrouwen. De Kerk kan zich niet verder ontwikkelen zonder hen die de steunpijlers van de toekomstige samenleving zullen zijn: de moeders.” In die tijd was het niet gemakkelijk om vaders ervan te overtuigen hun dochters naar school te sturen. In de landelijke en arme regio’s van de bondsstaat Bihar is dat ook vandaag de dag nog altijd het geval.  Het zuiden van India heeft een eeuwenlange christelijke traditie, terwijl het aartsbisdom Patna in de regio Bihar pas in 2019 zijn eeuwfeest zal vieren.

Machteloosheid en moedeloosheid staan echter niet in het woordenboek van pater Sebastian: “Ik vertrouwde altijd en in alles op onze Heer”. Ook in tijden toen de cultureel gebonden problemen toenamen wegens de onveiligheid in een streek waar er terroristen en gewapende benden actief waren. “Ooit bezocht ik een dorp waar elf kleine meisjes woonden  die niemand naar school wilde sturen, aangezien men dit als te gevaarlijk beschouwde. De school stond leeg. Ik herinnerde mij toen dat de heilige Jozef de beschermer van het Kind Jezus was, dat hij zich om Hem bekommerde en voor Hem zorgde. Daarom maakte ik hem tot beschermheilige van de school. Twee maanden later werd de school door 400 kinderen bezocht”.

Met zijn 90 jaar is pater Aloysius Sequeira de oudste van de groep. “Ik werd priester omdat ik missionaris wou worden. Ik legde meer dan 3000 kilometer af om mijn leven ten dienste te stellen van de mensen. Ik wist dat de Heer voor al de rest zou zorgen. Dit jaar zal ik mijn 60-jarig priesterjubileum vieren en ik heb er nooit ook maar één enkele dag spijt van gehad.”

Ooit had pater Sebastian een goede baan en alles wat hem in Zuid-India een zorgeloos en gelukkig leven had kunnen bezorgen. Op een dag hoorde hij een bisschop in Noord-India echter over de missie spreken en vroeg hij zich af: “Wat baat het als je de hele wereld wint? Als God in je leven ontbreekt, dan is het allemaal waardeloos”. Hij herinnert het zich nog levendig: “Ik ging naar mijn vader toe en zei hem: ik word priester, geef mijn baan op en volg de bisschop. Dat is nu al meer dan 50 jaar geleden. Ik help nog altijd waar ik kan, vooral door het sacrament van de verzoening. Het charismatisch pastoraal centrum belt mij soms op en vraagt mij om hen uit de nood te helpen omdat ze hun werk niet meer gedaan krijgen.”

Vele van die priesters hebben problemen met hun gezondheid. Het lijkt erop dat vooral hun hart het laat afweten omdat ze uitgeput zijn nadat ze  zo hard gevochten hebben en eenvoudige en bescheiden mensen uit zo vele dorpen en landelijke streken van de bisdommen Patna en Buxar zozeer lief hebben gehad. Met de misintenties die zij dankzij de internationale hulporganisatie en pauselijke stichting Kerk in Nood krijgen, kunnen ze een deel van hun medische kosten betalen. Ze zijn de stichting en al haar weldoeners oneindig dankbaar: “Wij zijn missionarissen en staan hier om zo te zeggen in de voorste gelederen. U helpt ons echter vanuit uw woonplaatsen met uw gebed en met de steun die u ons via Kerk in Nood door de misintenties geeft. Daardoor worden ook jullie missionarissen, aangezien wij tot meerdere eer en glorie van God met elkaar samenwerken.”

Kerk in Nood besteedt een aanzienlijk deel van haar hulp aan priesters in de armste regio’s ter wereld (vooral in Afrika en in Azië) door middel van misintenties. Zodoende kunnen ongeveer 1,5 miljoen Heilige Missen per jaar worden gevierd voor de intenties van de weldoeners, dat is één om de 22 seconden. Een dergelijke ondersteuning als in het aartsbisdom Patna vormt een onontbeerlijk “inkomen”, aangezien priesters in vele arme regio’s overal ter wereld niet op de hulp van de lokale gelovigen kunnen rekenen, maar hen integendeel zelfs nog financieel moeten helpen ondersteunen.

Door Maria Lozano

Samen met u willen wij een helpende hand zijn voor mensen in nood. Dankzij u ondersteunt Kerk in Nood de gelovigen overal waar ze worden vervolgd, verdrukt of in nood verkeren door informatie, gebed en actie.

U kan helpen door:

  • een gift voor een pastoraal project op rekeningnummer IBAN: BE91 4176 0144 9176 en BIC: KREDBEBB (Kerk in Nood vzw – zonder fiscaal attest). Pastorale projecten komen volgens de Belgische wetgeving niet in aanmerking voor de toekenning van een fiscaal attest.

  • een gift voor een sociaal project op rekeningnummer IBAN: BE11 4176 0100 0148 en BIC: KREDBEBB (Hulp en Hoop vzw – met fiscaal attest vanaf € 40,00). Zij die in de loop van het jaar € 40,00 of meer schenken voor een sociaal project, ontvangen het volgende jaar automatisch een fiscaal attest.

Alvast bedankt voor uw steun!

Reacties :

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pontical Foundation