Democratische Republiek Congo: 12 miljoen dodelijke oorlogsslachtoffers in de strijd om de natuurlijke hulpbronnen

Priester Apollinaire Cibaka

18/06/2018 Leuven – Priester Apollinaire Cibaka benadrukt: “Je land kan een ware hel zijn. Maar ondanks alles blijft het toch je land. Het is niet gemakkelijk om priester te zijn in Congo. Wij putten onze kracht uit God en uit ons geloof. “

Een verwoeste, uitgeputte, ten gronde gerichte natie… “De Democratische Republiek Congo is een immens domein waar heel wat landen naartoe komen om de grondstoffen – ertsen en mineralen – tegen een zo goedkoop mogelijk prijs in handen te krijgen. Op die manier rechtvaardigen ze de oorlogen.“ In dergelijke duidelijke en scherpe bewoordingen beschrijft pater Apollinaire Cibaka Cikongo in een gesprek met de pauselijke stichting en katholieke hulporganisatie Kerk in Nood de toestand in het op één na grootste land van Afrika.

Er zijn verschillende redenen waarom het vroegere Belgisch-Congo zich niet kan herstellen. De etnische conflicten, de schrijnende armoede, de opeenvolgende oorlogen zonder einde, een regering die geen verkiezingen wil houden hoewel haar laatste ambtstermijn meer dan een jaar geleden al is afgelopen, de onophoudelijke vluchtelingenstroom… De Democratische Republiek Congo is een van de landen met de meeste vluchtelingen ter wereld. Volgens UNHCR, het Hoog Commissariaat voor Vluchtelingen van de Verenigde Naties, telt het land meer dan 4,5 miljoen intern ontheemden, terwijl 735.000 mensen naar de buurlanden zijn gevlucht. Waarom wordt daarover niet gesproken? Dat is wat pater Apollinaire zich constant afvraagt. Daarnaast wijst hij ook nog eens op de ruim 12 miljoen doden – meer dan in welke andere verschrikkelijke oorlog ook die in andere landen wordt uitgevochten. “Hier is het 500 keren erger dan in Syrië“, roept hij uit. En hij benadrukt: “Het zwijgen is ingegeven door enorme en concrete belangen. De economische belangen die met de bodemschatten gepaard gaan, zijn sterker dan dit alles.“

“Na een uitbraak van ebola wordt in de media nu wel over Congo gesproken. Maar waarom zwijgt men over de dodelijke oorlogsslachtoffers? Wanneer levens verloren gaan, is dit natuurlijk altijd verschrikkelijk, maar de ebola-infectie kan 40 of 50 dodelijke slachtoffers eisen. De geopolitieke oorlogen hebben in mijn land voor meer dan 12 miljoen doden gezorgd. Honderden kinderen komen om van honger“, zegt hij. “God weent in mijn land. Men moet er dringend naartoe gaan om Zijn tranen te drogen.“

De Democratische Republiek Congo is een arm Land, dat echter wel over een enorm rijke voorraad natuurlijke hulpbronnen als ertsen en mineralen beschikt. Die rijkdom is tot nu toe echter tegelijk zijn grootste vloek. “De motieven voor de oorlog die in Rwanda begon en in 1994 oversloeg naar Congo, is de controle over de ertsvoorraden. Congo is namelijk een ware schatkamer: de meeste ertsen die men overal ter wereld nodig heeft, komen hier voor. Indien we goede politieke leiders hadden gehad, dan zouden wij bijzonder goed hebben kunnen leven“, klaagt de Congolese priester tijdens het interview.

Tegen de achtergrond van die hel op aarde is de katholieke Kerk een van de weinige instellingen die het zwijgen hebben doorbroken. Ze stelt  de politieke toestand aan de kaak en helpt de meest machteloze en hulpeloze mensen. Zowel de Congolese bisschoppen en priesters als de leken hebben om hulp gevraagd, wat vaak represailles met zich heeft meegebracht. Pater Apollinaire vertelt over de laatste protesten in het begin van dit jaar. Dit leidde tot de sluiting van kerken door de politie. “Er zijn daar ook doden gevallen. Daarover spreekt echter haast niemand. De tragedies die zich in Congo afspelen, moeten onder de publieke aandacht worden gebracht.“

Pater Cibaka Cikongo geeft toe dat hij meerdere malen voor zijn leven heeft gevreesd. Zo bijvoorbeeld in februari 2017, toen de rebellen het priesterseminarie verwoestten en de 77 kandidaten voor het priesterschap die daar woonden hals over kop op de vlucht moesten slaan. Ze moesten elders onderdak  krijgen om te kunnen overleven. Het leger hield het gebouw immers vier maanden lang bezet. Toch herinnert hij zich ook aan de goede tijden, bijvoorbeeld aan het feit dat het seminarie maanden na de aanval dankzij nationale en internationale ondersteuning, onder andere ook van Kerk in Nood, opnieuw de deuren kon openen: “Geen enkele van de seminaristen heeft zijn priesterroeping opgegeven. Het seminarie heeft zelfs nog elf nieuwe kandidaten mogen verwelkomen. Daar wonen er op dit ogenblik 88 seminaristen.“

“Onze kracht putten wij uit God, uit ons geloof … Ondanks alles geloven wij aan de mens, ondanks de gruweldaden die hij kan begaan. Je land kan een ware hel zijn, maar ondanks alles blijft het toch je land“, zegt hij tot slot.

Onvoorwaardelijke hulp

Pater Apollinaire Cibaka Cikongo studeerde filosofie en theologie in Spanje. Hij vertelt dat hij daar bijzonder gulle mensen heeft leren kennen die eraan bijgedragen hebben om Congo financieel te ondersteunen. “Een deel van mijn werk bestaat erin om de bedeltoer op te gaan zodat wij ondersteuning krijgen. We mogen daarmee niet stoppen, we mogen nooit opgeven. We mogen niet gewoon de armen laten zakken. Zonder hulp zouden er immers mensen sterven. Wij bidden onophoudelijk tot God, wij smeken mensen onophoudelijk om ons volk te helpen.“

Hij geeft toe dat ook het priesterleven in Congo, net als op vele andere plaatsen overal ter wereld, zeker niet gemakkelijk is. De priesters leven onder dezelfde omstandigheden als de bevolking. “We worden met talloze problemen geconfronteerd: honger, dorst, allerlei gevaren … Als priester en als herder kan men niet aan zichzelf denken. Men moet aan de anderen denken.“ Wanneer daarom “iemand in  plaats van aan de universiteit te gaan studeren en een beter leven te leiden, beslist om naar het priesterseminarie te gaan, dan nemen wij hem op. Wij stellen hem op prijs en waarderen hem omdat hij afstand zal doen van zoveel dingen. Wij bidden opdat die jonge mannen heilige priesters zouden worden, getuigen van de Liefde van Christus in het leven van de anderen.“

Door Monica Zorita & Maria Lozano

Doe een gift

Schrijf me in voor de digitale nieuwsbrief

Voor een goed databeheer hebben we deze gegevens nodig. Ons privacybeleid