2019 was een jaar van martelaren

Voor de president van de pauselijke stichting Kerk in Nood (Aid to the Church in Need – ACN), Thomas Heine-Geldern, was “2019 een jaar van martelaren, een van de bloedigste jaren in de geschiedenis van de christenen. Een triest hoogtepunt waren de aanslagen op drie kerken in Sri Lanka, waarbij meer dan 250 doden vielen. Ook de toestand in China en in India baart ons grote zorgen.”

Positief is volgens hem wel dat in “West-Europa politici en opinievormers nu duidelijk meer over godsdienstvrijheid spreken”. Als bijzonder bemoedigend voorbeeld haalt Heine-Geldern de videoboodschap van de Britse troonopvolger prins Charles aan, die voor Kerk in Nood ter gelegenheid van Kerstmis werd opgenomen. In die boodschap wijst de prins op het toenemende leed en de steeds brutalere vervolging van christenen overal ter wereld en roept hij op tot solidariteit.

Thomas Heine-Geldern, uitvoerend president van Kerk in Nood, naast het portret van pater Werenfried, oprichter van de internationale stichting

In dit verband herhaalt Heine-Geldern de eis aan het adres van multinationale en intergouvernementele organisaties als de Europese Unie en de Verenigde Naties om godsdienstvrijheid als een fundamenteel mensenrecht te beschouwen dat op alle niveaus en in alle landen mogelijk moet worden gemaakt en moet worden beschermd. “Er wordt weliswaar meer over gesproken, maar er wordt nog steeds te weinig actie ondernomen. Het is moeilijk te geloven dat in een land als Frankrijk dit jaar nog altijd meer dan 230 aanslagen tegen christelijke inrichtingen werden opgetekend. Schokkend zijn ook de gebeurtenissen in Chili, waar sinds midden oktober 40 kerken werden ontheiligd en beschadigd.”

Wat de toestand in Afrika betreft, toont de president van Kerk in Nood (ACN) zich bijzonder bezorgd over de situatie van de christenen in Nigeria, waar de islamistische terroristen van Boko Haram in het noorden van het land en langsheen de grens met Kameroen volop terreur zaaien. “Op kerstavond werd het door christenen bewoonde dorp Kwarangulum in de bondsstaat Borno door jihadisten aangevallen. Ze schoten zeven bewoners neer, ontvoerden een jonge vrouw en brandden de huizen en de kerk plat. Amper een dag later bracht een splintergroep van IS dan een video uit waarop naar hun zeggen de terechtstelling van tien christenen en één moslim te zien is, die in het noordoosten van Nigeria werd uitgevoerd. Dit alles maakt ons diep bedroefd. Wij vieren feest, terwijl andere mensen treuren en schrik moeten hebben.”

2019 is volgens Heine-Geldern ook een rampjaar geweest voor de christenen in Burkina Faso. In sommige streken van het land werden de christenen een voor een verjaagd en moesten scholen en kapellen de deuren sluiten, aldus de president. “Volgens onze informatie werden er minstens zeven aanvallen uitgevoerd tegen katholieke en protestantse geloofsgemeenschappen. Daarbij werden 34 christenen – onder wie twee priesters en twee pastors – vermoord. Onze projectpartners vertellen over de pogingen die worden ondernomen om het land te destabiliseren, religieuze conflicten uit te lokken en het geweld te doen oplaaien.”

De situatie van de christenen in het Midden-Oosten is altijd in onze gedachten en in onze gebeden aanwezig. Heine-Geldern herinnert in dit verband aan de woorden van de aartsbisschop van Erbil, Bashar Matti Warda, die de aandacht vestigde op het gevaar voor de christenen in Irak en hun penibele situatie. Volgens hem was de invasie van IS-terroristen slechts “een van de vele aanvallen tegen de gemeenschap van christenen”. Daarvoor waren er al verscheidene aanvallen uitgevoerd “en elke nieuwe aanval zorgt ervoor dat het aantal christenen in Irak – en in Syrië – drastisch vermindert”. Ook de verscherping van de crisis in Libanon bemoeilijkt volgens hem de situatie van de christenen in het land met als neveneffect dat er tegelijk talloze hindernissen worden opgeworpen voor de hulpverlening in Syrië.

Heine-Geldern kijkt echter ook met dankbaarheid terug op het afgelopen jaar: “Het mooie aan ons werk is dat we, naast het kruis en het leed, ook van heel dichtbij de enorme toewijding en de immense liefde van vele mensen mogen ervaren. Laten we Syrië als voorbeeld nemen. Dit land bevindt zich feitelijk nog altijd in oorlog en heeft zwaar onder de gevolgen van de oorlog te lijden. We hebben Syrië in de afgelopen jaren verscheidene malen bezocht en het is bijzonder indrukwekkend om te zien hoe allen – van geëngageerde leken over kloosterzusters en priesters tot bisschoppen, gesteund door de vrijgevigheid van onze weldoeners – al het mogelijke en al het onmogelijke doen om de spirituele en materiële nood van de mensen daar te lenigen.”

Door Maria Lozano & Jürgen Liminski

Doe een gift

Schrijf me in voor de digitale nieuwsbrief

Voor een goed databeheer hebben we deze gegevens nodig. Ons privacybeleid