Syrië: uithongeren om te onderwerpen

FacebookTwitterGoogle+

• Zowel rebellen als overheid weigeren voedselhulp zegt een verantwoordelijke van Kerk in Nood voor het Midden-Oosten
• Gehele gemeenschappen dreigen de hongerdood te sterven omdat hulpkonvooien geen toegang krijgen

Honger is het dodelijkste wapen

Rechts: priester Halemba van Kerk in Nood © ACN international

Rechts: priester Halemba
van Kerk in Nood
© ACN international

Königstein 14.01.2016. Voedsel is “het meest dodelijke wapen in de oorlog” in Syrië, zegt de coördinator van de hulpacties voor het Midden-Oosten, en hij bevestigt dat zowel de regeringssoldaten als de rebellentroepen de toevoer van humanitaire hulp ontzeggen opdat de gemeentes die aan honger dreigen ten onder te gaan de controle over hun grondgebied zouden opgeven.

Priester Andrzej Halemba, van Kerk in Nood, zegt dat vele groepen de doorgang van voedselhulp verhinderen in een poging om de weerstand van de oppositiegroepen te breken.
Halemba die in permanente verbinding staat met de leiders van de Kerk in Syrië en die het land het afgelopen jaar driemaal bezocht, zei dat de crisis extra druk uitoefent op Kerk in Nood en op andere organisaties om de noodhulp op te trekken voor gebieden die wel openstaan voor de hulpverlening.

Deze gebieden zijn een aantrekkingspool geworden voor mensen die de geblokkeerde regio’s ontvluchten. Priester Halemba zei: “Troepen aan weerszijden – er is geen onderscheid tussen de overheid of de rebellen – verhinderen de doorgang van de humanitaire hulpverlening in een poging om de mensen te onderwerpen.”
Hij voegde eraan toe dat rebellen noodhulp in beslag namen en verkochten aan de hoogste bieder om zo fondsen te verwerven.
Verwijzend naar de toestand in Madaya, de stad ten noordoosten van Damascus waar volgens rapporten mensen van honger omkomen, zei hij: “Er zijn nog meer plaatsen zoals Madaya waar mensen in hoge nood verkeren maar waar geen hulp doorkomt.”

Tussen de talrijke rapporten waarin staat dat tot 4 miljoen mensen in Syrië wonen in gebieden die van elke vorm van hulpverlening afgesneden zijn, citeert Halemba statistieken die aangeven, dat sinds de oorlog vijf jaar geleden begon, er 280.000 mensen gedood zijn in het conflict maar ook dat er 350.000 gestorven zijn door een gebrek aan geneesmiddelen en andere levensnoodzakelijke levensmiddelen.

Voedselbedeling in Marmarita © ACN international

Voedselbedeling in Marmarita
© ACN international

Kerk in Nood trekt noodprogramma’s op

E.H. Halemba zei dat Kerk in Nood haar noodhulpprogramma’s zal optrekken in centra zoals de hoofdstad Damascus, dat duizenden mensen opvangt die weggevlucht zijn uit Madaya. Sinds maart 2011 toen het conflict begon, heeft Kerk in Nood al 10,38 miljoen euro geschonken aan noodhulp voor christenen en anderen in het land. Zestig procent van dat bedrag of 6,2 miljoen euro werd vorig jaar gegeven. Afgelopen maand (december 2015) heeft de hulporganisatie Kerk in Nood nog 19 hulpprogramma’s voor Syrië opgestart.
Andrzej Halemba verklaarde dat Kerk in Nood nog 20 bijkomende noodhulpprojecten uittekent voor Syrië die de volgende maanden zullen van start gaan.

Kerk in Nood werkt nauw samen met de bisschoppen van Damascus, Tartus, Aleppo en Homs en ook met jezuïeten en andere religieuze gemeenschappen bij de voedselvoorziening en voor de levering van medicijnen, regenjassen en schoenen in regio’s zoals Aleppo, Noordoost Syrië, Homs en ook verder zuidwaarts en het omringende Marmarita en de zogenaamde Vallei van de Christenen.
Hij beklemtoonde dat de crisis nog verergerd werd door het verlies van elektriciteitscentrales in kerngebieden, zoals in Aleppo dat al sinds half november zonder stroom zit, wat gezien de nachtelijke vriestemperaturen de toestand alleen maar erger maakt.

Halemba verklaarde dat gezinnen overal in het land afgelopen jaar 15.000 hulpmiddelen kregen en voegde eraan toe: “Veel gezinnen kregen talrijke hulppakketten van ons. We zullen onze hulp optrekken om aan de groeiende nood tegemoet te komen. We zouden graag de volle 100 procent van de aanvragen inwilligen maar het is helaas niet altijd mogelijk alles te verwezenlijken van wat we hopen te doen. Het kleinste wat we geven, wordt erg gewaardeerd
Mensen vertelden ons hoe blij ze waren met de verkregen hulp. Ze huilden van vreugde en vertelden dat ze nu de winter zullen kunnen overleven.”

Halemba sprak nog over de dringende noodzaak om hulpgoederen te sturen naar de dorpen in de buurt van de noordoostelijke stad Hassake die pas bevrijd zijn van de islamitische strijdkrachten.
Voor het ogenblik kunnen de ontheemde Assyrische christenen niet naar huis terugkeren omwille van het gebrek aan de meest noodzakelijke levensmiddelen.

De mensen hebben vrede nodig © ACN international

De mensen hebben vrede nodig
© ACN international

Bidden voor ontvoerde christenen

Halemba vroeg opnieuw om te bidden voor Syrië, in het bijzonder voor de 79 ontvoerde christenen in de Assyrische dorpen rond Hassake, dat onder controle staat van Daesh (IS) en haar bolwerk Raqqa in het noorden van het land.
Volgens een aantal bronnen zouden de islamitische strijders tot 32.100 euro losgeld vragen per persoon.

Halemba beklemtoonde nog dat de lijdende christenen onmogelijk de islamitische “Jizya” woekertaks kunnen betalen die geëist wordt in gebieden onder controle van Daesh (IS) en andere militante groepen. Hij zei dat ze van de christenen eisten dat ze tot 87.000 Syrische Pond (362 euro) per jaar zouden betalen maar dat de mensen zich dat niet kunnen veroorloven in een land waar de prijs van 1 kg suiker steeg van 5 Syrische Pond (0,02 cent) naar 5000 Syrische Pond vandaag (20,84 euro).

In een reactie op de opbouw van een internationale militaire geallieerde troepenmacht in Syrië zei Halemba: “Men heeft de doos van Pandora geopend en niemand is bereid ze opnieuw te sluiten. In plaats van een oorlog te ontketenen is het nodig om rond de tafel te gaan zitten en te spreken over wegen die vrede kunnen brengen. Dat is wat de mensen nu echt nodig hebben.”

Samen met u willen wij een helpende hand zijn voor mensen in nood. Dankzij u ondersteunt Kerk in Nood de gelovigen overal waar ze worden vervolgd, verdrukt of in nood verkeren door informatie, gebed en actie.

U kan helpen door:

  • een gift voor een pastoraal project op rekeningnummer IBAN: BE91 4176 0144 9176 en BIC: KREDBEBB (Kerk in Nood vzw – zonder fiscaal attest). Pastorale projecten komen volgens de Belgische wetgeving niet in aanmerking voor de toekenning van een fiscaal attest.

  • een gift voor een sociaal project op rekeningnummer IBAN: BE11 4176 0100 0148 en BIC: KREDBEBB (Hulp en Hoop vzw – met fiscaal attest vanaf € 40,00). Zij die in de loop van het jaar € 40,00 of meer schenken voor een sociaal project, ontvangen het volgende jaar automatisch een fiscaal attest.

Alvast bedankt voor uw steun!

Reacties :

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pontical Foundation