Soedan – “Wij moeten de cultuur evangeliseren”

FacebookTwitterGoogle+

Aartsbisschop Michael Didi Adgum Mangoria staat sinds november 2016 aan het hoofd van het aartsbisdom Khartoem. Naar aanleiding van een projectreis naar het land sprak Kerk in Nood in Khartoem met de aartsbisschop over de situatie van de Kerk in Soedan.

Monseigneur, u oefent uw functie pas enkele maanden uit. Wat beschouwt u als de grootste pastorale uitdaging?

Het gaat mij vooral om het onderricht voor en de vorming van de gelovigen in het algemeen. In het bijzonder ligt de geestelijke vorming van de kloosterlingen, de seminaristen en de priesters mij echter heel nauw aan het hart. Daarom moeten wij beter en efficiënter gebruik maken van onze instellingen. Wat de personeelsbezetting betreft, hebben die zeer sterk geleden onder de splitsing van het land in 2011, toen vele medewerkers ons hebben verlaten en naar het Zuiden zijn getrokken.

In hoeverre heeft de splitsing van het land in 2011 een invloed gehad op het kerkelijke leven?

Het heeft een enorme invloed gehad. Het grootste deel van de clerus en van onze pastorale medewerkers was immers uit het Zuiden afkomstig. Hier in het Noorden zijn er nauwelijks inheemse christenen. Ook vandaag nog komt de overgrote meerderheid van mijn clerici niet uit het Noorden. Amper 5 van de 51 priesters en diakens zijn Noord-Soedanezen. De rest komt uit het Zuiden. Dat brengt gevolgen met zich mee voor hun verblijfsrecht. De Zuid-Soedanezen hebben na de splitsing tussen Noord en Zuid automatisch hun Noord-Soedanese nationaliteit verloren. Vaak worden ze hier alleen maar geduld. Theoretisch zouden ze uit het land kunnen worden gezet. De overheidsinstanties hebben echter ook begrepen hoe belangrijk de clerus voor ons als Kerk wel is. Godzijdank hebben wij op dit vlak geen problemen.

Hoe staat het met de priesterroepingen?

Niet bijzonder goed. Spijtig genoeg hebben we maar weinig seminaristen. De reden daarvoor is niet gemakkelijk te achterhalen. Het heeft ongetwijfeld te maken met een mentaliteitsverandering onder de jongeren. Misschien is de strenge discipline, die ik nog uit de tijd van mijn priesteropleiding ken, niet meer aantrekkelijk. Misschien is men zich ook niet echt bewust van het essentiële belang van de priesters voor de Kerk. Uiteindelijk zijn wij immers een sacramentele Kerk. Bijgevolg is er zonder priesters geen Kerk mogelijk. We zullen de mensen daarvoor meer moeten sensibiliseren, vooral de gezinnen. Ze moeten leren begrijpen dat het in hun eigen belang is om ervoor te zorgen dat de Kerk over voldoende priesters beschikt.

Hoe diepgeworteld is het katholieke geloof in Soedan? Het werd hier immers pas in de 19de eeuw geïntroduceerd.

De rooms-katholieke St. Matteus-
kathedraal van Khartoum

We staan in dit land aan het begin van de evangelisatie. Er moet opnieuw worden nagedacht over de manier waarop wij Gods Woord verkondigen. Tot nu toe hadden we vooral oog voor het aantal gelovigen. Het gold als een succes wanneer zeer veel mensen zich lieten dopen. Zo hebben we echter talrijke heidenen gedoopt zonder dat er sprake was van een bekering. Vele mensen begrijpen het heilige doopsel ook verkeerd. Ze laten hun kinderen dopen omdat ze ziek zijn en ze verwachten dat ze door het doopsel zullen genezen. Dat is echter niet de houding die we nodig hebben en waar we naar streven. Het geloof is dus niet echt diepgeworteld en het wordt vooral niet begrepen. Bovendien zijn onze lokale tradities zeer sterk.

Kunt u ons een voorbeeld geven?

Ja. Neem bijvoorbeeld de kwestie van de polygamie. De mensen willen tot elke prijs nakomelingen en erfgenamen hebben. Daarom hebben ze vaak meerdere vrouwen. Wanneer ze slechts één enkele vrouw hebben, maar het kerkelijk huwelijk niet met kinderen gezegend is, dan nemen ze gewoon een nieuwe vrouw. Dat is uiteraard niet verenigbaar met de christelijke opvatting van het huwelijk. Ook wordt niet begrepen waarom onze priesters niet in het huwelijk mogen treden.

Hoe reageert u daarop?

Wel, we moeten werkelijk diep graven en de cultuur evangeliseren. Het is ook niet zo dat de huwelijksleer van de Kerk helemaal niet op begrip kan rekenen wanneer men probeert om de mensen ermee vertrouwd te maken. We moeten de mensen er echter nog sterker bewust van maken. Dat is een bijzonder belangrijke catechetische uitdaging, die ik samen met mijn priesters wil aangaan. Wij moeten onze catechisten beter opleiden. Het is echter vooral de taak van de bisschoppen en de priesters om het geloof te prediken en om er getuigenis van af te leggen. Zoals gezegd, mogen we de problemen, vooral bij het doorgeven van de huwelijksleer, niet minimaliseren. Op dat punt moeten we de strijd aanbinden met diepgewortelde culturele overtuigingen.

We hebben het nu over problemen gehad. Waardoor schept u moed, wanneer u naar uw lokale Kerk kijkt?

Ik ben gelukkig dat de mensen zich erover verheugen en fier zijn dat ze christen zijn. Ze dragen ook christelijke symbolen met trots en overtuiging. Daarnaast nemen ze eveneens intensief deel aan het kerkelijk leven. Zoals gezegd ontbreekt het ons aan diepgang. De mensen zijn echter van goede wil en ze stellen hun hart open voor het christendom.

Hoe kan Kerk in Nood de Kerk in Soedan helpen?

Kerk in Nood is een belangrijke partner, die we heel erg dankbaar zijn voor de ondersteuning. Het is namelijk zo dat wij als lokale Kerk nagenoeg over geen eigen inkomsten beschikken, maar voor vrijwel 100 procent aangewezen zijn op de hulp van de Wereldkerk. Wanneer wij dus met een project van een zekere omvang willen beginnen, dan hebben we ook de ondersteuning van Kerk in Nood nodig. Die steun voor onze scholen en andere projecten krijgen we ook al jaren. Wij voelen de solidariteit van de Wereldkerk en we zijn er dankbaar voor. De Heilige Vader zelf volgt de situatie in beide landen op de voet, vooral de toestand in Zuid-Soedan.

Wegens de oorlogssituatie in Zuid-Soedan vluchten ook talrijke christelijke Zuid-Soedanezen naar het Noorden.

Inderdaad. Voor ons als Kerk is dit een enorme uitdaging. We hebben het hier over verscheidene honderdduizenden mensen die vanuit het Zuiden naar het Noorden zijn gevlucht. Wij als Kerk overwegen een grote oproep tot de wereld te richten om een oplossing te vinden voor die humanitaire uitdaging. Naast de oorlogsvluchtelingen in de kampen zijn er ook de Zuid-Soedanezen die na de onafhankelijkheid van het Zuiden naar hun thuisland wilden gaan, maar wegens de oorlog dan toch in het Noorden moesten blijven. Eigenlijk mogen ze hier niet officieel werken omdat ze niet over papieren beschikken. Dat heeft bijzonder erge gevolgen. Als Kerk proberen wij om te helpen waar we kunnen. We willen er vooral voor zorgen dat de kinderen onze scholen kunnen bezoeken. Maar hun aantal is enorm groot en onze middelen zijn beperkt. We hebben nog niet eens voldoende middelen om de kinderen te voeden. De nood is groot. Alleen kunnen wij het hoofd niet bieden aan die situatie.

Door Oliver Maksan

Samen met u willen wij een helpende hand zijn voor mensen in nood. Dankzij u ondersteunt Kerk in Nood de gelovigen overal waar ze worden vervolgd, verdrukt of in nood verkeren door informatie, gebed en actie.

U kan helpen door:

  • een gift voor een pastoraal project op rekeningnummer IBAN: BE91 4176 0144 9176 en BIC: KREDBEBB (Kerk in Nood vzw – zonder fiscaal attest). Pastorale projecten komen volgens de Belgische wetgeving niet in aanmerking voor de toekenning van een fiscaal attest.

  • een gift voor een sociaal project op rekeningnummer IBAN: BE11 4176 0100 0148 en BIC: KREDBEBB (Hulp en Hoop vzw – met fiscaal attest vanaf € 40,00). Zij die in de loop van het jaar € 40,00 of meer schenken voor een sociaal project, ontvangen het volgende jaar automatisch een fiscaal attest.

Alvast bedankt voor uw steun!

Reacties :

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Pontical Foundation