In Paraguay werken kloosterzusters waar priesters niet komen

FacebookTwitterGoogle+

Tupãsy! Tupãsy? De Moeder van Jezus komt eraan! Zo werden de Misioneras de Jesús Verbo y Víctima, de missiezusters van de lerende en verzoenende Heiland, bij hun eerste ontmoeting door de bewoners in het Guarani ontvangen. In de afgelegen dorpen van het Paraguaanse district Canindeyú, aan de grens met de Braziliaanse deelstaten Mato Grosso en Paraná, hadden de mensen nog nooit eerder kloosterzusters met een sluier gezien.

De aankomst van de missiezusters uit Peru rond het einde van de 20ste eeuw baarde veel opzien in de plattelandsgemeenten van de parochie “Virgen del Carmelo de Villa Ygatimy” (Maagd van de Karmel van Villa Ygatimy), een dorp langs een landweg, gelegen op ongeveer vijf uren rijden ten noordoosten van de hoofdstad Asunción. De parochie beschikt voor haar 20 000 gelovigen over zowat honderd “kapellen”. Zo worden de verspreid gelegen geloofsgemeenschappen van het bisdom “Ciudad del Este” genoemd. Het bisdom strekt zich uit over een oppervlakte die ongeveer even groot is als het grondgebied van België.

De gelovigen kijken reikhalzend uit naar de sacramenten

“In Curuguaty, op 45 kilometer hier vandaan, werken drie priesters. Ze hebben 92 “kapellen” onder hun hoede, zodat ze er maar heel af en toe heen kunnen gaan. De gemeenschappen die ze bezoeken, beschikken niet over geasfalteerde wegen. Daar raken ze alleen over onverharde wegen die door de regen onberijdbaar worden. De gemeenschap van Katueté ligt 160 kilometer verder. De priester kan er drie- tot viermaal per jaar naartoe. Op een week tijd bezoekt hij de “kapellen”, draagt de Heilige Mis op en neemt de biecht af, soms een hele dag lang. De gelovigen wachten urenlang geduldig om de sacramenten te ontvangen”, vertelt moeder María Luján, een kloosterzuster die uit Argentinië afkomstig is.

Haar Peruaanse medezusters verzorgen in plattelandsgemeenten, waar geen priester is, pastorale diensten als huwelijken, doopsels en begrafenissen. Ze staan in voor de woorddiensten en verzorgen de Eucharistie voor de zieken. Net daarin bestaat het charisma van de missiezusters van de lerende en verzoenende Heiland: werken waar priesters maandenlang of soms zelfs jarenlang niet naartoe zijn gekomen. “Onze zusters leven en werken op de meest afgelegen plaatsen van Latijns-Amerika. Ze zorgen voor mensen van wie zelfs het postadres niet gekend is, voor de armen en vergetenen in Argentinië, Bolivia, Chili, Paraguay of Peru”, licht moeder María Luján toe.

Vier jaar op de komst van een priester gewacht

“Om geconsacreerde hosties te ontvangen, legden wij een afstand van 45 kilometer af, naar de Braziliaanse stad Paranhos in de deelstaat Mato Grosso do Sul”, vertelt María Luján verder. We reden dan naar de “kapel” San Antonio, op 12 kilometer van de dichtstbijzijnde stad. Daarbij werden wij begeleid door pater Ernesto Zacarías, de econoom van het bisdom. Door elkaar geschud na een rit over onverharde wegen vol groeven kwamen wij uiteindelijk bij de geloofsgemeenschap aan, die uit 34 huizen met in totaal zowat 120 gelovigen bestaat.

De gelovigen waren al ruim een uur geduldig op ons aan het wachten. Ze zongen liederen in het Spaans en het Guarani onder de vochtige en kleverige hitte die kenmerkend is voor de maand december, het einde van de lente op het zuidelijke halfrond. Ze kwamen bijeen in een klein gebouwtje van baksteen dat ze allen samen hebben opgetrokken en gaven uiting aan hun vreugde over de komst van de priester. Hij was de eerste geestelijke sinds vier jaar die een tussenstop maakte in dit moeilijk toegankelijke, afgelegen plaatsje. “Ze brachten de zieken naar hem. Hij ging zelf naar de huizen van degenen die zich niet konden verplaatsen om hen de ziekenzalving toe te dienen. Wij “ontvoerden” hem om urenlang de biecht af te nemen. Na afloop was hij totaal uitgeput”, grapt moeder Lorena, de Peruaanse zuster, die instaat voor deze geloofsgemeenschap. Ze is afkomstig uit Cajamarca, een dorp op de hoogvlakten in het noorden van Peru en werkt al sinds drie jaar in Ygatimy.

De komst van de kloosterzusters heeft de gemeenschap veranderd

De dorpsbewoners stellen de aanwezigheid van de Peruaanse kloosterzusters bijzonder op prijs. “Ze zeggen dat ze heel blij zijn dat God hen bezoekt, dat Hij zo ver reist om de eenvoudige mensen te bezoeken. Ze zijn arm, maar ze hongeren heel erg naar spiritualiteit!”

In de dorpen waar de natuur een schitterende kleurencombinatie van het groen van de bomen en de okerkleurig-rode tinten van de aarde tentoonspreidt, leven de bewoners van landbouw, veeteelt, kaasvervaardiging en fruitoogst. Na de Heilige Mis vertellen de gelovigen ons dat de jongeren spijtig genoeg naar de stad trekken om daar te gaan studeren. Zo leren ze het stadsleven, met zijn moderne techniek, maar ook met zijn  talrijke verlokkingen, kennen. Later willen ze niet meer terugkeren naar het eenvoudige en harde leven in de dorpen die daarvan volledig zijn afgesneden.

Sinds de komst van de kloosterzusters in het jaar 1999 heeft de gemeenschap net een metamorfose ondergaan, zegt moeder Lorena: “We stellen een geestelijke ommekeer vast. Vroeger namen de mensen nauwelijks aan het parochieleven deel. De kerk was vuil en onverzorgd. De spirituele bezinningssessies hebben een verandering teweeggebracht. Nu is er meer solidariteit en tegelijk is het alcohol- en drugsmisbruik afgenomen. Er wordt ook beter voor de zieken gezorgd.”

We zetten onze reis ongeveer vijftig kilometer verder over een stoffige en onverharde weg. Zo komen wij aan in de parochie van Onze-Lieve-Vrouw van Fatima in Ypehu, in het Amambay-gebergte, op een boogscheut van de Braziliaanse stad Paranhos. Daar worden we verwelkomd door moeder Beatriz. Zij is de overste van de plaatselijke kleine gemeenschap van de missiezusters van de lerende en verzoenende Heiland.

Evangelische sekten uit Brazilië

Vanuit hun klooster staan de Peruaanse kloosterzusters in voor de pastorale zorg in dertien “kapellen”. De verst afgelegen kapel bevindt zich op 41 kilometer afstand. Ze bezoeken echter al die “kapellen” over met diepe voren doorploegde wegen die hun oude terreinwagen zwaar op de proef stellen. Die plaatsen krijgen viermaal per jaar het bezoek van een priester die uit Brazilië komt. Voor de toediening van het vormsel komt tijdens de Goede Week een afgevaardigde van de bisschop van Ciudad del Este langs.

In Ypehu baren vooral de uit Brazilië afkomstige evangelische sekten moeder Beatriz zorgen. Op korte afstand daar vandaan liggen de kerken van de “Assemblies of God”, “Elohim” en zelfs “God is Liefde” (“Dios es Amor”), de pinkstergemeente van pastor David Miranda. “Elohim richt zich tot arme mensen, aan wie ze levensmiddelen uitdeelt en cursussen aanbiedt. Dat is de voornaamste reden waarom de mensen naar die sekte gaan. De pastor dwingt hen om aan de religieuze diensten deel te nemen. Toch komen ze op zondag naar onze liturgie. De mensen willen hun kinderen in de katholieke Kerk laten dopen, omdat ze diep gelovig zijn en een grote verering koesteren voor de Moeder Gods van Caacupé”, legt de Peruaanse missiezuster uit.

“Vroeger kwamen er vijf tot tien mensen naar de Heilige Mis. Sinds de kloosterzusters hier zijn, is de kerk echter altijd vol”, bevestigt een parochielid dat we in de tuin van de kerk ontmoeten. Moeder Beatriz en haar medezusters Adriana, Edith en Felicia vertrouwen ons echter het volgende toe: indien er een priester permanent zijn intrek zou nemen in de vroegere parochie van de congregatie van de missionarissen van Steyl (ofwel het Gezelschap van het Goddelijke Woord), dan zouden ze hier snel vertrekken om naar een andere plaats te gaan waar er geen priester is. “Dat is ons charisma!”

Meer dan 400 missiezusters van de lerende en verzoenende Heiland werken in 38 missieposten, die op afgelegen en moeilijk toegankelijke plaatsen in diverse Latijns-Amerikaanse landen gelegen zijn. De zusters noemen die plaatsen Patmos naar het Griekse eiland waar de apostel Johannes in ballingschap leefde. Vanuit die missieposten rijden ze soms urenlang op onverharde wegen, of gaan ze soms zelfs te voet, met een muildier of een boot op bezoek naar een verlaten dorp of een boerderij waar slechts enkele gezinnen wonen. Waar een verharde weg eindigt, begint het werk van de missiezusters met hun bijzonder charisma, zo wordt gezegd.

Kerk in Nood helpt de missiezusters van de lerende en verzoenende Heiland elk jaar met transport- en opleidingsprojecten en met bestaanshulp in Peru en Bolivia.

Door Jacques Berset

Samen met u willen wij een helpende hand zijn voor mensen in nood. Dankzij u ondersteunt Kerk in Nood de gelovigen overal waar ze worden vervolgd, verdrukt of in nood verkeren door informatie, gebed en actie.

U kan helpen door:

  • een gift voor een pastoraal project op rekeningnummer IBAN: BE91 4176 0144 9176 en BIC: KREDBEBB (Kerk in Nood vzw – zonder fiscaal attest). Pastorale projecten komen volgens de Belgische wetgeving niet in aanmerking voor de toekenning van een fiscaal attest.

  • een gift voor een sociaal project op rekeningnummer IBAN: BE11 4176 0100 0148 en BIC: KREDBEBB (Hulp en Hoop vzw – met fiscaal attest vanaf € 40,00). Zij die in de loop van het jaar € 40,00 of meer schenken voor een sociaal project, ontvangen het volgende jaar automatisch een fiscaal attest.

Alvast bedankt voor uw steun!

Reacties :

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pontical Foundation