Brazilië: Uit genegenheid voor de inheemse bevolking

FacebookTwitterGoogle+

acn-20160923-46259Missionarissen ontvoerd en vermoord, hun kerk platgebrand … Neen, we hebben het hier niet over het Midden-Oosten, maar over Brazilië en over een toestand waarover in de wereld maar weinig gekend is: de situatie van het inheemse gebied Raposa Serra do Sol in de federale staat Roraima, nabij de grens met Venezuela en Guyana. Het is een streek die door kolonisten en grootgrondbezitters in beslag werd genomen, nadat ze de Macushi-indianen (de grootste inheemse bevolkingsgroep in de regio) tot slavernij hadden gedwongen. Ze moesten mineralen delven en rijst telen en kregen als beloning daarvoor goedkope alcohol (een verderfelijke gewoonte die de indringers zelf hadden binnengebracht).

Sinds het begin van de 20ste eeuw is de katholieke Kerk in dit gebied aanwezig. Eerst de jezuïeten, daarna de dominicanen en tot slot de Consolata-missionarissen. Het is geen missie als de meeste andere. Wanneer de missionarissen met hun voertuigen reizen, moeten ze naast vervangonderdelen en conserven ook nog extra brandstof en accu’s meenemen. Als men autopech heeft, kan het ook wel eens enkele dagen duren alvorens een ander voertuig voorbijkomt. Er is geen ontvangst voor de mobiele telefoon en openbare telefooncellen zijn een zeldzaamheid.

Dankzij de sterke en actieve aanwezigheid van de Kerk bij de Macushi, besloten ze van alcohol af te zien. Al wie alcohol wilde blijven drinken, moest de stam verlaten.

Die beslissing maakte de lokale koloniale grootgrondbezitters woedend, want daardoor verloren ze hun goedkope arbeidskrachten. Daarom begonnen ze propaganda te voeren tegen de katholieke Kerk. Ze kenden weliswaar geen succes, maar in 2004 vermoordden ze enkele leden van de inheemse stam en ontvoerden ze drie missionarissen van de Consolata-orde. Het jaar daarna stak een groep van ongeveer 150 gemaskerde en bewapende mannen het volledige complex van de missiepost in brand, waaronder ook de Kerk van de Heilige Jozef en de missieschool. Ze hoopten dat de Macushi in opstand zouden komen tegen  de autoriteiten, wat tot een volkenmoord zou hebben geleid, omdat de inheemse stam bewapend met stenen en knuppels de strijd had moeten aanbinden tegen mannen met geweren en kogels.

De Macushi waren woest over de brandstichting en wilden zich wreken. Tuxaua Jacir de Souza (tuxaua is de naam die aan het stamhoofd van de Macushi wordt gegeven) riep hen echter bijeen en las samen met hen een uur in de Bijbel. Hij herinnerde zijn mensen eraan dat ze een katholiek inheems volk zijn en dat God hen oproept om te vergeven en niet om zich te wreken. Alle stamleden kwamen tot rust en dachten niet langer aan wraak. Die actie was één van de redenen waarom de Raposa Serra do Sol in 2005 formeel werd uitgeroepen tot thuisland van de inheemse volkeren en aan hen werd teruggegeven. Alle niet-inheemse bewoners, die het land voor de rijstteelt en andere doeleinden gebruikten, werden daarop dringend verzocht om de regio te verlaten.

acn-20160923-46276Op die plek verhinderde Gods Woord dat er een bloedbad plaatsvond. De Macushi zijn nog altijd zeer katholiek. Ze bouwen zelf kerken met hun eigen materialen en hun eigen mankracht en ze vertalen kerkliederen in de taal van de Macushi. Door zijn vreedzame leiderschapsstijl heeft Tuxaua Jacir twee pausen persoonlijk leren kennen. Toch is er nog iets waarover ze niet echt gelukkig zijn: het feit dat ze geen Bijbel in hun eigen taal hebben. Daarnaast maken ze zich ook zorgen over de toekomstige regering van het land. Er komen sekten naar de regio die hen van het katholieke geloof willen afbrengen. Sommige daarvan bieden hen zelfs opnieuw alcohol aan, waardoor ze vooral zeer bezorgd zijn over de toekomst van hun kinderen en jongeren.

Onlangs heeft Kerk in Nood besloten om de kosten van de vertaling van de kinderbijbel in de taal van de Macushi voor haar rekening te nemen. Een theoloog, die over een grondige kennis van die taal beschikt, is op dit ogenblik aan een vertaling aan het werken. Heel binnenkort zullen duizenden exemplaren ter beschikking worden gesteld van de kinderen. Om dat te kunnen financieren, hebben wij echter uw hulp nodig. Nadat Gods Woord in deze regio wonderen heeft tot stand gebracht, moeten wij alle nodige inspanningen ondernemen om ervoor te zorgen dat ook de komende generatie vreedzaam opgroeit en dat God hun hart vervult. Wij zijn er zeker van dat ook u verheugd zult zijn ons bij dit waarlijk missionaire initiatief te kunnen helpen.

Samen met u willen wij een helpende hand zijn voor mensen in nood. Dankzij u ondersteunt Kerk in Nood de gelovigen overal waar ze worden vervolgd, verdrukt of in nood verkeren door informatie, gebed en actie.

U kan helpen door:

  • een gift voor een pastoraal project op rekeningnummer IBAN: BE91 4176 0144 9176 en BIC: KREDBEBB (Kerk in Nood vzw – zonder fiscaal attest). Pastorale projecten komen volgens de Belgische wetgeving niet in aanmerking voor de toekenning van een fiscaal attest.

  • een gift voor een sociaal project op rekeningnummer IBAN: BE11 4176 0100 0148 en BIC: KREDBEBB (Hulp en Hoop vzw – met fiscaal attest vanaf € 40,00). Zij die in de loop van het jaar € 40,00 of meer schenken voor een sociaal project, ontvangen het volgende jaar automatisch een fiscaal attest.

Alvast bedankt voor uw steun!

Reacties :

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Pontical Foundation