Baltazar kardinaal Porras: “De speelruimte in Venezuela wordt steeds kleiner.”

FacebookTwitterGoogle+

De pauselijke hulporganisatie Kerk in Nood sluit zich op zondag 21 mei 2017 aan bij de gebedsdag voor de vrede in Venezuela

De aartsbisschop van Mérida, Baltazar Enrique kardinaal Porras, sprak naar aanleiding van een bezoek aan de internationale hoofdzetel van de pauselijke hulporganisatie Kerk in Nood over de uiterst lastige levensomstandigheden in zijn land. Hij benadrukte de verschrikkelijke situatie waarin de mensen zich wegens het gebrek aan genees- en levensmiddelen bevinden. Tegelijk verzocht hij alle gelovigen om zich aan te sluiten bij de door de bisschoppenconferentie uitgeroepen gebedsdag voor de vrede in Venezuela.

Königstein, 15.05.2017. In de afgelopen weken heeft de Venezolaanse bisschoppenconferentie twee berichten gepubliceerd waarin ze haar standpunt meedeelt over de ernstige gebeurtenissen en de gewelddadige confrontaties waarvan het land tegenwoordig het schouwtoneel is. Ze roept de inwoners van Venezuela op om “elke uiting van geweld van de hand te wijzen en de rechten van alle burgers te eerbiedigen”. De bisschoppenconferentie benadrukt de verplichting van de nationale grondwet om “de mogelijkheid van een civiel en geweldloos protest” te garanderen. In hun laatste schrijven van 5 mei 2017 noemen de bisschoppen de meest recente beslissingen van de regering Maduro en van het opperste gerechtshof “verkeerd” en “onnodig”. Ze vragen om “de grondwet niet te veranderen, maar hem na te leven”. De regering moet zich op de problemen toeleggen waarmee het land nu te kampen heeft, zo zeggen ze, bijvoorbeeld op het gebrek aan “levensmiddelen, geneesmiddelen, vrijheid, politiek en rechtszekerheid en tevens op de vrede.”

Kardinaal Porras, een van de ondertekenaars van het schrijven en erevoorzitter van de bisschoppenconferentie, licht de noodzaak toe van die verklaringen vanwege de Kerk in Venezuela, die een “verantwoordelijke rol” moet spelen. Die rol beschrijft hij als “een soort subsidiariteitsopdracht, die overstijgt wat onder andere omstandigheden vereist” is. Op dit ogenblik, zo zegt de kardinaal, “krijgen de mensen te maken met represailles wanneer ze niet akkoord gaan met de officiële beleidslijn of een andere opinie hebben dan de machthebbers: bedreigingen, boeten, gevangenisstraffen, uitwijzingen … Het heersende maatschappelijke klimaat is door een buitenstaander nauwelijks te begrijpen. De speelruimte wordt steeds kleiner. Tegenwoordig is hier alles eendimensionaal”.

De aartsbisschop van Mérida stelt in dit verband vooral het ontbrekende respect voor het recht op pluralisme aan de kaak, dat ernstig wordt geschonden: “Alles wordt gedaan om een systeem door te drukken waarin alleen nog de officiële opinie van tel is. De anderen mogen hun stem niet laten horen. Wanneer er bijvoorbeeld een betoging gepland is, wordt er onmiddellijk, op dezelfde dag en op hetzelfde tijdstip een tegendemonstratie georganiseerd. Het  is de bedoeling om duidelijk te maken wie de sterkste is.” Porras klaagt ook aan dat in Venezuela “het discours van de klassenstrijd” nog altijd aan de gang is. “De ene bereikt iets dankzij zijn haat tegen de andere. Wat we hier meemaken, is het militaristische discours van ‘wie niet voor mij is, is tegen mij’. Het gaat er alleen maar om de vijand uit te schakelen. Dit heeft het probleemloze samenleven en het sociale weefsel vernietigd.”

De aartsbisschop noemt Nicolás Maduro niet bij naam. De verantwoordelijkheid van de huidige regering wordt echter verondersteld wanneer de kardinaal benadrukt dat de wortels van het probleem veel vroeger moeten worden gesitueerd: “Eerst de 18 jaar van de regering Chávez en daarna Maduro zijn ook het resultaat van een verslechtering in de jaren daarvoor. Venezuela kon groeien dankzij de aardolie. Het land kende niet alleen een economische groei, maar ook een uitbreiding van de infrastructuur. De snellere groei leidde er echter toe dat de regerende klasse het volk vergat. Er was hier echter sprake van een geschenk van de natuur, niet van het resultaat van een eigen arbeidsinspanning. De machthebbers deden vele dingen, maar ze vergaten de mensen. Daarom werd het ‘Messiaans’ discours later zeer goed onthaald.”

De 72-jarige kardinaal, die afkomstig is uit Caracas, uit openlijk kritiek: “de bundeling van alle machten in de regering leidt tot straffeloosheid en corruptie.” Een van de hoofdoorzaken van het probleem ligt er ook in dat men voor wat slecht is altijd de anderen verantwoordelijk wil maken.” Dit is een steeds terugkerend feit: al het slechte wordt aan de anderen toegeschreven. Of het wordt met perioden uit het verleden vergeleken. Dat is toch het gedrag van tieners! Wanneer bijvoorbeeld ter discussie wordt gesteld dat er op vandaag politieke gevangenen zijn in Venezuela, dan wordt onmiddellijk gezegd dat er ook in het verleden politieke gevangenen waren. De problemen hebben wij echter nu, in het bijzonder het gebrek aan levens- en geneesmiddelen en ook aan veiligheid.”

Die drie problemen bereiden de aartsbisschop de grootste zorgen. Dat kan men zo van zijn gezicht aflezen: “Ik moest een 35-jarige priester begraven die een hersenbloeding had gekregen. Volgens de dokters had hij gered kunnen worden indien we over een bepaald geneesmiddel hadden beschikt, dat niet eens zo bijzonder was. Wij hadden het echter niet. Hij is dan gestorven. Dat doet zich dagelijks voor. Wij hebben immers zelfs niet de basisvoorzieningen voor chirurgische ingrepen, voor bejaarden of voor baby’s, die in de regel speciale geneesmiddelen nodig hebben.”

Officieel “wordt dat allemaal ontkend. Er wordt niet aanvaard dat over humanitaire hulp wordt gesproken. Volgens de officiële mededelingen hebben wij immers alles. Iemand die naar Venezuela reist, zal echter kunnen vaststellen dat dit niet het geval is. Iemand die de waarheid zegt, maakt zich verdacht als sympathisant van iets anders.” Kardinaal Porras, die tevens directeur van Caritas Venezuela is, bedankt de internationale gemeenschap voor de gekregen ondersteuning. In eigen land botst hij wel “tegen een muur. Het is bijzonder moeilijk om een brug te bouwen zodat de hulpgoederen ter plaatse aankomen. Wij krijgen met hinderpalen af te rekenen.” Ook de media spelen een belangrijke rol in het binnenlands conflict. De politieke confrontaties zijn uitgegroeid tot een mediagevecht: “Wanneer ik zeg “er zijn hier geen geneesmiddelen”, verschijnt er onmiddellijk een foto van geneesmiddelen. Dan wordt erbij gezegd: ‘dat klopt niet, kijk hier maar’. En dat is met alles zo, met de levensmiddelen, met de binnenlandse veiligheid enz.”

Wanneer men over oplossingen spreekt, kunnen we ons afvragen of het Venezolaanse volk het spreken over dialoog niet moe gehoord is. “Tegenwoordig over dialoog spreken in Venezuela is bijna een belediging, omdat de ervaringen slecht zijn. De dialoog werd alleen maar gebruikt als achtergrond om foto’s te maken. Over de werkelijke problemen werd niet gesproken. Ze werden niet opgelost. Daarvoor moet de andere jou echter wel als gesprekspartner aanvaarden.” Daarom dringt de aartsbisschop erop aan dat voor een echte dialoog ook nog een tweede partij onontbeerlijk is: “afspraken nakomen. Er was echt een aanbod om de afspraken na te komen, maar dit is nooit gebeurd. Dit haalde kardinaal-staatssecretaris Parolin aan in een brief van december 2016. Daarin zei hij dat er geen dialoog mogelijk was zolang de bereikte afspraken helemaal niet werden nagekomen.” Misschien daarom heeft de kardinaal het liever over consensus en pluralisme dan de afgezaagde en gemanipuleerde term “dialoog” te gebruiken: “Confrontatie maakte geen deel uit van onze cultuur. Een voorbeeld: naar een honkbalwedstrijd – de populairste sport in ons land – gingen de mensen liefst samen met een supporter van de andere ploeg. Zo konden ze meer plezier maken. Die vriendschappelijkheid is nu verwaterd. Nu heeft alles met politiek te maken. Men kan er alleen nog voor of tegen zijn. Het leven is zo rijk en alles draait nu rond politiek. Het gezin, de verscheidenheid, de consensus komen in het gedrang. De Kerk probeert die waarden te verdedigen.”

Aan de internationale gemeenschap vraagt hij daarom “te proberen om zich correcte informatie uit de omgeving te verschaffen, zodat men niet ten prooi valt aan leugens.” Hij verzoekt eveneens om gebed en ondersteuning. “Het is maar al te begrijpelijk dat iedereen met zijn eigen dagelijkse zorgen bezig is, maar we leven in een geglobaliseerde wereld. En zeker op ons als gelovige mensen is dat in het bijzonder van toepassing. In Venezuela hebben wij het gebed nodig als innerlijke kracht die verhindert dat onze hoop en onze vreugde worden gestolen. Problemen zijn er om overwonnen te worden, niet om ons aan het huilen te brengen.” Daarom nodigt kardinaal Porras ons uit om ons op zondag 21 mei 2017 aan te sluiten bij de gebedsdag voor de vrede in Venezuela – “voor het einde van het geweld en van de onderdrukking door de staat en voor het zoeken naar manieren om elkaar te begrijpen en zich met elkaar te verzoenen.” De gebedsdag werd door de Venezolaanse bisschoppenconferentie uitgeroepen.

Het contact met de Wereldkerk schenkt moed, aldus kardinaal Porras. Het “doet in ons het verlangen groeien om de moeilijkheden te overwinnen. Het zet ons ertoe aan om ook in de toekomst alles te blijven doen wat in onze macht ligt om onze broeders en zusters te helpen. Ik zou nog één iets willen vertellen: onder de geneesmiddelen die wij in Mérida mochten ontvangen, bevonden er zich kleine doosjes met een opschrift in het Engels en het Arabisch. Verwonderd vroeg ik me af waar die geneesmiddelen vandaan kwamen. Ze waren ons gestuurd door christenen uit Egypte. Toen enkele dagen later een aanslag werd gepleegd tegen de christenen in dat land, was ik bijzonder aangedaan en voelde ik mij diep met dit land verbonden. De Samaritaanse solidariteit zorgt ervoor dat wij het beste van onszelf geven, zowel materieel als spiritueel.”

Door Maria Lozano

Samen met u willen wij een helpende hand zijn voor mensen in nood. Dankzij u ondersteunt Kerk in Nood de gelovigen overal waar ze worden vervolgd, verdrukt of in nood verkeren door informatie, gebed en actie.

U kan helpen door:

  • een gift voor een pastoraal project op rekeningnummer IBAN: BE91 4176 0144 9176 en BIC: KREDBEBB (Kerk in Nood vzw – zonder fiscaal attest). Pastorale projecten komen volgens de Belgische wetgeving niet in aanmerking voor de toekenning van een fiscaal attest.

  • een gift voor een sociaal project op rekeningnummer IBAN: BE11 4176 0100 0148 en BIC: KREDBEBB (Hulp en Hoop vzw – met fiscaal attest vanaf € 40,00). Zij die in de loop van het jaar € 40,00 of meer schenken voor een sociaal project, ontvangen het volgende jaar automatisch een fiscaal attest.

Alvast bedankt voor uw steun!

Reacties :

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pontical Foundation