15/02/2010
De Britse directeur van Kerk in Nood zegt dat christenen in Pakistan “afschuwelijk lijden” na de verkrachting en de moord op een 12-jarig meisje. De uitspraken van Neville Kyrk-Smith volgen na de gewelddadige moord op Shazia Bashir in de Pakistaanse stad Lahore.
Toen het meisje werd binnengebracht in het ziekenhuis Jinnah van Lahore, vertoonde ze tekenen van geweld en marteling. De artsen konden haar helaas niet meer helpen. De ouders van het meisje beweerden dat ze hun dochter, dat werkte als huishoudhulpje, al enkele weken voor haar dood niet meer mochten zien.
Christenen zijn tweederangsburgers
Directeur Kyrke-Smith verklaarde: “In vele delen van de wereld zijn christenen gedegradeerd tot de laagste klasse en worden geassocieerd met het westen. Ze worden misbruikt en lijden ontstellend omdat men ze beschouwt als buitenstaanders. Ze voelen zich weerloos en onbeschermd. Deze verschrikkelijke zaak toont ons aan dat we solidair moeten zijn in geloof en actie moeten ondernemen.”
Zijn woorden volgen op sterke uitspraken van de voorzitter van het comité voor vrede en gerechtigheid in Pakistan, Mgr. Lawrence Saldanha van Lahore, en van de uitvoerende secretaris Peter Jacob. Zij beklemtonen dat het voorval geen geïsoleerd incident van geweld is. Huispersoneel krijgt vaak te maken met extreem geweld. Uit rapporten blijkt dat christelijke meisjes uit arme gezinnen veel meer kans hebben om door hun werkgevers fysiek en seksueel te worden misbruikt.
In een interview met het Vaticaanse persagentschap Fides zei Francis Sada, directeur van het Christelijk Studiecentrum in Rawalpindi: “Christenen in de Pakistaanse samenleving lijden onder alle vormen van geweld. We hebben waslijsten van getuigenissen. De politie en overheid treden niet op en veel gevallen eindigen in straffeloosheid.”
Ook in het geval van Shazia Bashir weigerde de politie in eerste instantie een klacht te noteren, maar christenen én moslims protesteerden heftig. Ook voor de begrafenis op 25 januari ll. daagden duizenden mensen op om hun medeleven te betuigen, samen met veel bisschoppen van alle christelijke Kerken. De volgende dag moest de werkgever van het meisje voor de rechtbank verschijnen, maar de rechter stelde de hoorzitting uit.
Voor het gezin Bashir is de dood van het meisje ook een financiële ramp, want met haar
bescheiden inkomen van 1000 roepies per maand (€ 13,50) ondersteunde ze haar ouders en haar acht jaar oude broer.
Vorig jaar klaagde Kerk in Nood ook al de verschrikkelijke omstandigheden aan die christenen ondervinden als gevolg van de wetten tegen godslastering.
Directeur Kyrke-Smith zei nog: ”De rechten van de mens en de waardigheid van christenen worden in Pakistan niet gerespecteerd. Dit verschrikkelijk voorval beklemtoont dat hulp aan de Kerk en de christelijke gemeenschappen nog moet verder gezet worden en dat we blijvend druk moeten uitoefenen op de Pakistaanse regering!”
John Newton (ACN-UK), vertaald door LC
