“We willen de gematigde krachten in Nigeria versterken”

08/02/2012

Interview met E.H. Andrzej Halemba en Marko Tomashek van Kerk in Nood

Nigeria heeft bijna 150 miljoen inwoners, waarvan 45 procent christen is en 45 procent moslim. Het land, dat beschikt over rijke oliereserves, wordt geconfronteerd met een grote welvaartskloof en is al herhaaldelijk geschokt door zware uitbarstingen van geweld. De aanvallen – ook tegen christenen - zijn de laatste weken steeds erger geworden. Voor de terreurdaden, die al honderden mensenlevens eisten, houdt men de islamitische groep Boko Haram verantwoordelijk. De president van het land, Jonathan Goodluck, waarschuwde zelfs al voor een infiltratie van hun leden in de veiligheidstroepen en staatsapparaat.

Hoe schat u de huidige situatie in Nigeria in?

Halemba: “Nigeria is één van de dichtst bevolkte landen in Afrika. Aan de basis van de conflicten liggen verschillende oorzaken en ze zijn zowel van sociale, economisch-politieke, etnische als religieuze aard. Corruptie is wijdverspreid. Het is tegen die achtergrond dat je het optreden van Boko Haram moet zien. De groep wijst alle westerse invloeden af. Hun terreur treft niet alleen christenen, maar ook gematigde moslims.”
120208 Nigeria_Marko Tomashek.jpgTomashek (foto links): “Er zijn rapporten die wijzen op contacten tussen Boka Haram met Al Qaida en andere terroristische groeperingen. De laatste aanvallen waren opvallend professioneler dan wat we in het verleden gezien hebben. Het wijst op een betere opleiding van de strijders.”

Wat wil Boko Haram te bereiken? Een islamitische staat?

Tomashek: “Boko Haram staat meer voor een ideologie dan voor een godsdienst. Nigeria bestaat uit een kleurrijke mengeling van zowel christendom als islam, van agressief tot heel obscuur. In het land is religie ook nog eens ‘big business’.”
Halemba: “Het is pas vanaf 2009, nadat dat een leider van de groepering stierf bij een 120208 Nigerie_kleurrijk.JPGpolitieondervraging, dat Boko Haram aan betekenis won. Men mag redelijkerwijs aannemen dat ze ook aanhangers heeft bij politici en militairen. Het is klaarblijkelijk hun doel het land door gebruik van geweld te destabiliseren. De groep streeft naar een maximale bekendheid door middel van spectaculaire aanvallen. Dat sterkt hen.”

Wat kan een liefdadigheidsinstelling als Kerk in Nood doen voor zo een situatie?

Halemba: “ We mogen nooit uit het oog verliezen dat de meerderheid van beide religies vredevol samenleeft. Bovendien bestaan sommige families zowel uit christenen als moslims. Daarom willen we de gematigde krachten binnen de moslimgemeenschap versterken. De katholieke bisschoppen hebben goede contacten met moslimleiders.”
Tomashek: “Het probleem zit hem bij fanatieke predikers die de gelovigen ophitsen. Duizenden van hen worden opgeleid in Saoedi-Arabië. Aan christelijke zijden zijn het de zogenaamde pinksterkerken die nogal agressief uit de hoek kunnen komen en best kritisch benaderd worden.”

E.H. Andrzej Halemba is afdelingshoofd van Azië en Afrika en Marko Tomashek is verantwoordelijk voor de Engelstalige Afrikaanse landen in het internationaal secretariaat van Kerk in Nood.

E.H. Halemba, afdelingshoofd Azië en Afrika bij Kerk in Nood